Gedeputeerde voor de provincie Oost-Vlaanderen
Provinciebestuur investeert ruim 500.000 euro in Erfgoedsite Ename
De komende jaren investeert het Oost-Vlaamse provinciebestuur meer dan 500.000 euro in de Erfgoedsite Ename, zo blijkt uit het meerjarenplan dat recent werd goedgekeurd.
Hoeft het nog gezegd dat Ename een unieke locatie is voor de geschiedenis van Vlaanderen? Het dorp aan de Schelde speelde ooit een belangrijke rol als grensstad tussen het Franse rijk en het Heilig Roomse Rijk. Later domineerde de Sint-Salvatorabdij er de ruime regio. Nadat het gebouw van het erfgoedcentrum vorige legislatuur een nieuwe invulling kreeg – met onder meer twee vaste tentoonstellingen – wordt nu volop geïnvesteerd in het archeopark.
David Coppens (N-VA), gedeputeerde bevoegd voor Erfgoed: “Ik druk me wat voorzichtig uit maar het archeopark is misschien toch wel een stuk de bestaansreden van onze erfgoedsite in Ename. De resten van de Sint-Salvatorabdij vertellen natuurlijk een uniek verhaal. We gaan site en verhaal maximaal ontsluiten. Inmiddels zijn de werken om de restanten te restaureren waar mogelijk en te beschermen waar nodig reeds volop aan de gang. Maar we willen het park vooral ook toegankelijker maken voor het publiek, voorzien van voldoende info en er een echte ankerpunt van maken in de Vlaamse Ardennen. Als provinciebestuur trekken we alleen al voor het archeopark de komende jaren 500.000 euro uit. Maar we blijven daarnaast ook investeren in het erfgoedcentrum, in onze depotwerking, in tijdelijke tentoonstellingen enzovoort.”
Voor de stad Oudenaarde zijn de provinciale investeringen een opsteker.
Kristof Meerschaut (N-VA), schepen: “Oudenaarde herbergt natuurlijk een schat aan erfgoed en verhalen. Maar Ename neemt door de bijzondere geschiedenis toch wel een aparte plek in . Dat het provinciebestuur investeert in de heraanleg van het archeopark is niet alleen een goede zaken om bezoekers naar onze stad te trekken, het is ook vooral een goede zaak voor de inwoners van Ename zelf, voor wie het des te meer een fijne plek om te verpozen wordt. Daar zijn we als stad natuurlijk bijzonder tevreden mee.”